logo2

  • Molenakker
  • Stippelberg

1662 Soevereiniteitsakkoord Gemert

1662 juni 14 Soevereiniteitsakkoord in zake Gemert

Nationaal Archief (Den Haag) – Archief Staten-Generaal (1.01.02) inventarisnummer 12579.74B, 14 juni 1662
Nota bene: een gelijkluidende oorkonde zal zich bevinden in het Deutsch Ordens Zentral Archiv [DOZA-Wien], terwijl zich in Brabants Historisch Informatie Centrum [BHIC] - Archief Kommanderij Duitse Orde Gemert (AKDOG), invnr.300, zeventiende eeuwse afschriften bevinden.
transcriptie Ad Otten dd 7 november 2017

Akte van overeenkomst, gesloten tussen de Staten-Generaal en aartshertog Leopold als grootmeester van de Duitse Orde, waarbij de Staten-Generaal de soevereiniteit en superioriteit over Gemert laten aan de Duitse Orde, die zich harerzijds verplicht de uitoefening van de Gereformeerde religie in Gemert toe te staan.

 1662 soevereiniteitsakkoord PB160107

Alsoo tusschen de Hooge Mogende Heeren Staten Generael der Vereenichde Nederlanden ter eenre ende sijn hoocheijt den Ertzhertoch Leopoldus als Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre ter andere zijden, questie ende verschil ontstaen was, over de souverainiteijt van het dorp ende de heerlicheijt van Gemert, ende die questie bij wedersijts bewilliging ende submissie, finalick was verbleven ter decisie van eenige heeren arbiters daertoe versocht ende gecommiteert, ende middelerwijlen oock wedersijts was goetgevonden bij amicabele conferentie te tenteren den wech van accommodente ende van accord, soo sijn op huijden den IXen Junij1 deses jaers XVIc twe en t’ sestich, tusschen hoochgemelte hare Ho(og) Mo(gende)2 ende oock hoochgemelte Heer Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre eijndelick beraemt, besloten, ende gearresteert de naervolgende articulen

Ende vooreerst, dat hare Ho: Mo: aen hoochgemelte Heere Grootmeester, ten behoeve vande Duijtsche ordre, absolutelick sullen affstaen ende cederen de superioriteijt ende souverainiteijt over het voorsz(egde) dorp ende heerlicheijt van Gemert, in voegen dat deselve sal worden verclaert, gelijck die verclaert wert bij desen aen te comen ende te competeren de voorsz(egde) Duijtsche ordre, onder het Roomsche Rijck, ende dat hoochgemelte hare Ho: Mo: geenerhande reserve van superioriteijt ofte souverainiteijt daerop en conden, ofte op nieuws sullen willen pretenderen, hoedanich deselve oock souden mogen sijn genaemt. Behoudelick alleen, dat die van Gemert sullen blijven subject het appel ende het ingebot vanden gerechte der stadt ’s Hertogenbosch, in voegen ende manieren, als hetselve tot noch toe is gebruijckt ende geobserveert geweest, maer nochtans wederom met dien verstande dat hare Ho: Mo: daeruijt nu, ofte in toecomende tijden, niet en sullen mogen affnieten ofte infereren eenigerhande souverainiteijt ofte superioriteijt, dewijle daervan volcomentlick is gerenunctieert, ende wert gerenunctieert bij desen.
Ten anderen, dat den hoochgemelten Heer Grootmeester, de Heeren van de Duijtsche ordre, generalick ende den Commandeur van Gemert indertijt, specialijck nu ende voor altoos int toecomende in het voorsz(egde) dorp van Gemert, sullen moeten toelaten ende gedogen, de vrije publicque exercitie vande ware gereformeerde Christelicke Religie, ende tot dien eijnde aldaer selffs, ende tot hare costen sullen doen bestellen een bequame Capelle ofte andere gelegentheijt, tot d’exercitie vande voorsz(egde) Godtsdienst, mitsgaders een bequame wooninge tot verblijff vanden Predicant mitsgaders een huijs voor de persoon die ’t coster- ende schoolmeesterschap sal bedienen, gerequireert tot contentement van hare Ho: Mo:, mits dat aende Heeren van de Duijtsche ordre wederom sal blijven gereserveert het recht van patronaetschap, t’elckens precise binnen den tijt van twee maenden, een bequaem Predicant tot den voorsz(egde) Godtsdienst te presenteren, ende voor te stellen, dewelcke nae examinatie, door de naestgelegene Classis te doen, bij haer Ho: Mo: sal werden geapprobeert, ende soo vervolgens geinstalleert ende bevesticht na de ordinarise ende gebruijckelicke maniere, ende dat het onderhout vanden voorsz(egde) Cappelle, ende van des Predicants, ende Costers ofte schoolmeesterswooninge, sal staen ende blijven tot costen ende lasten van hare Ho: Mo: Des hebben hoochgemelte Heer Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre, oock hierbenevens belooft, gelijck beloven bij desen, die ordre altijt binnen den dorpe ende resorte van Gemert voorsz(egt) te houden, ende te doen onderhouden, dat geenerhande Cloosters van geordende Priesters, monicken ofte andere Religieusen, aldaer sullen werden aengestelt ofte gedoocht.
Ende voorts die voorsieninge doen, dat die geene die sijne professie sullen willen doen van ware gereformeerde Christelicke religie, als voorsz(egt), nu tegenwoordich, ofte die in het toecomende haer aldaer souden mogen bevinden, soo is wooninge als exercitie van voorsz(egde) Religie alsvooren sullen blijven onbecommert ende onverlet; Ende eijntlick dat hare Ho: Mo: in manieren als boven, van haren eijsch ende conclusie, voorde gemelte Heeren Arbiters in lite3 gedaen ende genomen, renuncierende, ende het souverain gesach over het voorsz(egde) dorp ende Heerlicheijt van Gemert aenden Heer Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre cederende, deselve boven hetgeene voorsz(egt) is, aen hare Ho: Mo: in drie termijnen sullen betalen een somme van veertich duijsent guldens, te furneren aenden Ontfanger Generael Doubleth, alhier inden Hage, in goeden gevalueerden gelde, het eerste derdepart over ses maenden, nae date deses, ende de twee resterende derdeparten t’ elckens een jaer daer nae, met desen verstande dat haer Ho: Mo: tot het effect van desen niet en sullen blijven geobligeert, in cas de voorsz(egde) termijnen op de precise tijden als vooren, niet en souden werden voldaen.
Aldus gedaen ende hiervan gemaeckt twee alleens luijdende instrumenten, den veertienden Junij, sestien hondert twee en t’ sestich. Ende wedersijts met zegel ende onderteeckeninge becrachticht door Gedeputeerden van haer Ho: Mo: ende de Heeren Virmundt Commandeur van Gemert ende Everhardt van Aller, agent vanden Heere Grootmeester vande Duijtsche ordre, wegen hoochgemelten Heere Grootmeester en de Heeren Landtcommandeur ende Cappitulairen vanden Baillie den Alden Biessen daertoe gelast ende geauthoriseert.4

 

Noten:

  1. Opmerkenswaard is hier de datum van 9 juni terwijl de oorkonde wordt afgesloten op 14 juni (1662)
  2. Met ‘Ho(og) Mo(genden)’ zijn bedoeld de leden van de Staten-Generaal. In de hiernavolgende transcriptietekst is conform de letterlijke tekst in de oorkonde telkens gekozen voor de afkorting ‘Ho: Mo:’.
  3. Met ‘Arbiters in lite’ is bedoeld ‘Arbiters in het geschil’.
  4. De oorkonde is voorzien van 11 zegels en 11 veelal niet goed leesbare handtekeningen. De namen zijn vermoedelijk te checken in andere archiefbestanden van de Staten-Generaal en/of de Raad van State. De meest bekende ondertekenaar is raadpensionaris Johan de Witt. Voor ‘Gemert’ is dat Ambrosius van Virmundt, de toenmalige commandeur van Gemert, naar wie in het centrum van Gemert een straatnaam is genoemd. Everard van Aller is de agent van de Duitse Orde en Hieronymus van Beverninck de tresorier-generaal, de resterende zeven namen zijn de gedeputeerden van de Staten-Generaal oftewel de arbiters. Naar de voorzitter van deze Commissie van Arbiters staat deze bekend als de Commissie Van Braeckel.
    Hierna volgen – voor zover leesbaar - de namen met in rood aangegeven de kwaliteit waarin zij het akkoord tekenden.

Van Braeckel (= voorzitter Commissie Arbiters)
Van Goeree (= arbiter)
Johan de Witt (= raadpensionaris)
H Stavenisse (?) (= arbiter)
Johan van Reede (= arbiter)
Bootsmast (?) (= arbiter)
Jos van Schieck (?) (= arbiter)
W: Ackena (?) (= arbiter)
Hieronymus van Beverninck (= tresorier-generaal)
A.van Virmundt D.O.Ritter (= Duitse Orde Ridder; commandeur van Gemert)
Everard van Aller (vertegenwoordiger Duitse Orde)

 

De handtekening van Johan de Witt

 

TRANSCRIPTIE PER OORKONDE-REGEL


Alsoo tusschen de Hooge Mogende Heeren Staten Generael der Vereenichde Nederlanden ter eenre
ende sijn hoocheijt den Ertzhertoch Leopoldus als Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre ter andere zijden, questie ende verschil ontstaen was, over de souverainiteijt
van het dorp ende de heerlicheijt van Gemert, ende die questie bij wedersijts bewilliging ende submissie, finalick was verbleven ter decisie van eenige heeren arbiters daertoe versocht ende
gecommiteert, ende middelerwijlen oock wedersijts was goetgevonden bij amicabele conferentie te tenteren den wech van accommodente ende van accord, soo sijn op huijden den IXen Junij deses jaers XVIc
twe en t’ sestich, tusschen hoochgemelte hare Ho(og) Mo(gende) ende oock hoochgemelte Heer Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre eijndelick beraemt, besloten, ende gearresteert
de naervolgende articulen

Ende vooreerst, dat hare Ho: Mo: aen hoochgemelte Heere Grootmeester, ten behoeve vande Duijtsche ordre, absolutelick sullen affstaen ende cederen de superioriteijt ende souverainiteijt
over het voorsz(egde) dorp ende heerlicheijt van Gemert, in voegen dat deselve sal worden verclaert, gelijck die verclaert wert bij desen aen te comen ende te competeren de voorsz(egde) Duijtsche ordre, onder het Roomsche Rijck,
ende dat hoochgemelte hare Ho: Mo: geenerhande reserve van superioriteijt ofte souverainiteijt daerop en conden, ofte op nieuws sullen willen pretenderen, hoedanich deselve oock souden mogen sijn
genaemt. Behoudelick alleen, dat die van Gemert sullen blijven subject het appel ende het ingebot vanden gerechte der stadt ’s Hertogenbosch, in voegen ende manieren, als hetselve tot noch toe is
gebruijckt ende geobserveert geweest, maer nochtans wederom met dien verstande dat hare Ho: Mo: daeruijt nu, ofte in toecomende tijden, niet en sullen mogen affnieten ofte infereren
eenigerhande souverainiteijt ofte superioriteijt, dewijle daervan volcomentlick is gerenunctieert, ende wert gerenunctieert bij desen

Ten anderen, dat den hoochgemelten Heer Grootmeester, de Heeren van de Duijtsche ordre, generalick ende den Commandeur van Gemert indertijt, specialijck nu ende voor altoos int toecomende in het
voorsz(egde) dorp van Gemert, sullen moeten toelaten ende gedogen, de vrije publicque exercitie vande ware gereformeerde Christelicke Religie, ende tot dien eijnde aldaer selffs, ende tot hare costen
sullen doen bestellen een bequame Capelle ofte andere gelegentheijt, tot d’exercitie vande voorsz(egde) Godtsdienst, mitsgaders een bequame wooninge tot verblijff vanden Predicant mitsgaders
een huijs voor de persoon die ’t coster- ende schoolmeesterschap sal bedienen, gerequireert tot contentement van hare Ho: Mo:, mits dat aende Heeren van de Duijtsche ordre wederom
sal blijven gereserveert het recht van patronaetschap, t’elckens precise binnen den tijt van twee maenden, een bequaem Predicant tot den voorsz(egde) Godtsdienst te presenteren, ende
voor te stellen, dewelcke nae examinatie, door de naestgelegene Classis te doen, bij haer Ho: Mo: sal werden geapprobeert, ende soo vervolgens geinstalleert ende bevesticht na de ordinarise
ende gebruijckelicke maniere, ende dat het onderhout vanden voorsz(egde) Capelle, ende van des Predicants, ende Costers ofte schoolmeesterswooninge, sal
staen ende blijven tot costen ende lasten van hare Ho: Mo: Des hebben hoochgemelte Heer Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche ordre, oock hierbenevens belooft, gelijck
beloven bij desen, die ordre altijt binnen den dorpe ende resorte van Gemert voorsz(egt) te houden, ende te doen onderhouden, dat geenerhande Cloosters van geordende Priesters, monicken
ofte andere Religieusen, aldaer sullen werden aengestelt ofte gedoocht. Ende voorts die voorsieninge doen, dat die geene die sijne professie sullen willen doen van ware gereformeerde
Christelicke religie, als voorsz(egt), nu tegenwoordich, ofte die in het toecomende haer aldaer souden mogen bevinden, soo is wooninge als exercitie van voorsz(egde) Religie alsvooren sullen blijven
onbecommert ende onverlet; ende eijntlick dat hare Ho: Mo: in manieren als boven, van haren eijsch ende conclusie, voorde gemelte Heeren Arbiters in lite gedaen
ende genomen, renuncierende, ende het souverain gesach over het voorsz(egde) dorp ende Heerlicheijt van Gemert aenden Heer Grootmeester, ende de Heeren vande Duijtsche
ordre cederende, deselve boven hetgeene voorsz(egt) is, aen hare Ho: Mo: in drie termijnen sullen betalen een somme van veertich duijsent guldens, te furneren aenden Ontfanger
Generael Doubleth, alhier inden Hage, in goeden gevalueerden gelde, het eerste derdepart over ses maenden, nae date deses, ende de twee resterende derdeparten t’
elckens een jaer daer nae, met desen verstande dat haer Ho: Mo: tot het effect van desen niet en sullen blijven geobligeert, in cas de voorsz(egde) termijnen op de precise tijden
als vooren, niet en souden werden voldaen. Aldus gedaen ende hiervan gemaeckt twee alleens luijdende instrumenten, den veertienden Junij, sestien hondert
twee en t’ sestich. Ende wedersijts met zegel ende onderteeckeninge becrachticht door Gedeputeerden van haer Ho: Mo: ende de Heeren Virmundt Commandeur van Gemert ende
Everhardt van Aller, agent vanden Heere Grootmeester vande Duijtsche ordre, wegen hoochgemelten Heere Grootmeester en de Heeren Landtcommandeur ende Cappitulairen vanden
Baillie den Alden Biessen daertoe gelast ende geauthoriseert

1383 KADOG 1497

AKDOG inv nr 1497 dd 23-9-1383
Transcriptie Jan Timmers
Volgens de inventaris is er ook een retroakte van 1381, maar die is niet gescand. Dat zal de schepenbrief zijn van de uitgifte in erfpacht door Jan Maes van Ghemert, waarover in de tekst gesproken wordt.

Mathijs Haec heeft verkocht aan Melis Jan Maes een mud rogge erfpacht, die Mathijs aan Jan Maes van Gemert schuldig was uit een erf dat Jan aan Mathijs in erfpacht had gegeven.

Mathijs die men heit Haec heeft wittelijc vercoft Melys Jans Maes soens soen een mudde rogghe erfpachts der maten van Helmont te betalen op onser vrouwen lichtmis dach dat hem Jan Maes soen van Ghemert sculdich was erflijc te ghelden uten erfenis dat Jan voersz Mathijs gheerfpacht hadde ghelijc der schepen brief volcomenliken helt daer dese schepen brief doer ghesteken is ende dien brief voersz heeft Mathijs voersz den voersz Melys opghedraghen ende mechtich ghemaect ende heeft daer op verteghen tot sinen behoef ende heeft hem alle voercommer die opte voersz mudde rogghe erfpachts wesen mach van sinen weghen altemael af gheloeft te doen op hem ende op sijn goet. Ende hi lijde ende kende dat hem Melys voersz voer dat voersz mudde rogghe erfpachts wittelijc ende wael betaelt hadde vier ende twentich Brabantsche dobbel mottoen ende scaut hem daer af quyt. Hier over waren die schepen tot Helmont Melys van Milheze, Godert Goben, Willem die Weder ende Gheryt die Steenbecker aenbrenghende haren medeschepen Herman van Eynthouts, Jan van Stibdunc ende Henric Roefs soen. In orconde deser brieven bezegelt metter stat zeghel van Helmont. Ghegheven int jaer ons heren dusent driehondert tachtentich ende drie swoensdaghes na sente Mathews dach.

1407 mei 5 AKDOG 685 regest 129

KADOG Invnr.685, regestnr.129, dd 14-5-1407
Transcriptie Ad Otten

Commandeur Jan Clot geeft in erfpacht uit aan Gerit Scheynken het goed Ter Watermolen met bepalingen over de wrijfmolen, het onderhoud van de dijken, de sluis en de loop van de watergangen bij de watermolen en de rechten die aan het goed verbonden zijn.
Jaarlijkse pachtsom is 8 mud rogge, 4 vaten raapzaad, 12 el laken, 100 eieren, 6 maten boter, 8 hoenders, 8 voeder turf

Wij Kerstiaen van den Mortel, Diric vanden Bleke, Ansem Goessenssoen, Gheryt Fiensoen, Wijnrijk Gheritssoen, Henryc Queden ende Johan Kaerrel, schepen in Ghemert, tughen in desen openen brieve dat vair ons is comen Heir Jan Clot, commenduer tot Ghemert tot dierre tijt heeft uytghegheven ende erfelyc verpacht met rade sijns oversten heren Reynarts van Husen, lantcommenduer des Balyen vanden Biessen ende mit rade der der Brueder des Huys van Ghemert, enen goeden zekeren man Ghereyt Scheynken in sijnen helen bedde huys ende hof ter Watermolen ghenoemt metten alinghen Rijtecker ende metten cleynen Molenbroec ghenoemt welc erfenis die gheleghen is metter eenre sijden die Ruspecker langs neven des Herenstraet tot des Weelden Hof toe alsoe neven dien hof totter Rijt toe ende voirt beneven Heynen Quedens erve ende voert beneven Willems des Jeghers erve ende beneven Quedens hof ende Belien Snelarts hof was ende Gerrit Smoelners hof tot Lucas erve toe van Beke, alsoe voirt beneven Lucas erve totten Berversdike ende metten Berversdike dan wederom neven dat Groet Molenbroec ende neven die Vloet ende beneven die Watermolen ghelyc als die palen staen ende alsoe voert beneven den Molenwiel ende beneven die Ruspe totter.straten toe daer die Wrijfmolen steet. Ende die voerschreven (Wrijf)molen sal hoer hostad behouden erfeliken mit horen toe behoirten dat is te weten al om die Wrijfmolen also verre als een ieder staen mach als dies noet is die molen te decken ende voert met horen uytganc af ende aen varen des die Molen behoeft. Ende of die voerscreven molen af queem van dien erve ende die Heren daer gheen weder op setten ende wouden soe soude dat Gherits erve wesen ghelyc den anderen.
Voert soe eest vorwerde dat die sluse die boven die Watermolen steet hoer staen d'hebben sal erfliken ghelyc sij daer voertijds te staen plach ende dien waterganc vanden sluse voirt neder tot Heynen Quedens erve toe dat sal Gheryt voirschreven alsoe rumen (?) ende graven (?) dat dat water sijnen ghanc gaen mach ende Gheryt en sal gheen recht hebben aenden voerscreve sluse dat water op of af te laten vanden Vloet. Ende die gheen die dese voirschreven sluse bewaren sullen te tymmeren of wes men deraen behoeft of te doen heeft te graven(?) of dat water op en af te laten vanden oirden weghen die sullen hoer waderinghe hebben boven en beneden op dien voer ghenoemden erve ghelijc alst voertijds plach ende Gheryt sal beneven die Vloet ende dat Molenbroec ene grave hebben sesch voet wijt dat oever daer mede te houden ende dat sal hij erfelicken alsoe houden dat d(aer) gheen scaede over gaen en mach vanden Vloet nae sijnre besten macht of dat over daet van water queem ende die dyec scoerde dat souden die heren voirscreven wederom doen maken ende Gheryt voerscreven aerde te wenich hadde dat aerde mede te houden soe sal Gheryt voirscreven of sijn naecomelinge die erde voirt nemen op des oirdes erve daer hij dien voircrevenen wal of dyec mede houden mach. Ende Gherit voirscreven heeft die vrieheit tot dien voirscreven huus en hof ghelijc als hiernae volgende is: Inden yrsten sinen torf opte pedel te steeken te brucken op dierre hostat voerscreven ghelijc als Gherits vorwerte is dat Gherit of sijn naecomelinge den heyemaet hebben sullen tot behoeff des voirghenoemde goets heide te mayen opten Heren oude Haerde ghelijc als den oirden ende den huese van Ghemert altoes toe behoerende heeft gheweest te weten Haenre Velt of soe waert anders were ghelegen daer binnen den palen van Ghemert ende altoes ter goeden tijt te mayen die voirschreven heide. voert soes al Gherit voirscreven of sijn naecomelinge dat ghebruyc hebben met sinen beesten die hy op dierre hostat voirscreven helt of houden sal daer hij dit voirscreven goet met bedryeft op des oirdens ghemeynt heyde ende weyde gheleghen binnen der heirlicheyt van Ghemert ende van dien voirschreven gode ende sal Gherit voirscreven of sijn naecomelinghe en gheen scattinge nocht bede ghelden den oirden ende Gherit voirscreven ende sijn naecomelinge die dese voirscreven erffenis besitten die sullen anders alle ghebuerlike rechten houden ende doen ghelijc den anderen ghebueren des dorps van Ghemert ende behoudende der kercken van Bakel hore rechten.
Ende uut desen voirghenoemden goede met allen sinen toe behoirten ghelijc alst ghelegen is binnen sinen paelsteden ende met sinen rechten ende uut enen eussel is comen vanden hoeven te Scarpeborchs dat ghelegen is tusschen die overste laeren ende Dirx erve was van Ghemert soe heet Gherit voirscreven gheloeft den voirghenoemden commenduer tot behoef des huus van Ghemert achte mud roggen, vier vate raebsaets, twelf ellen goets vleschens laekens, hondert eyer, sesch maeten boteren, acht jongh hoenre ende acht voder torfs erfliken tsjaers den huse van Ghemert in te vueren vanden Pedel van des huus torf als die droech is ende als dat invueren binnen hare woninge te Ghemert aen Gherit of aen sinen naecomelingen versocht wort van des huus wegen voirschreven ende dat voirschreven laken, eyer, hoenre, boter sal Gherit voirscreven sculdich sijn te betalen jaerlix altoes opten heileghen pynxtdach ende te leveren binnen den huse van Ghemert ende die vier vate saets tot Onser Vrouwenmisse te halfven oechst maent ende wael droech te leveren binnen den heren woninge te Ghemert. Ende die voirscreven acht mud rogghen voirscreven te leveren metten geborder maeten van Ghemert jaerlix altoes op Onser Vrouwen Lichtmisse dach purificatio binnen den heren woninge te Ghemert opten sulre daer Gherit voirscreven dien ghewijst sal worden vanden heren of van hoeren dienren. Ende der oirden sal Gherit voirscreven dit goet weren voir desen voirschreven pacht ende alle arghelist altoes uut ghesceiden. In orconde der waerheit so hebben wij scepen voirschreven onsen zieghel ons ghemeyns scependomps van Ghemert aen desen brief ghehangen ende ghegheven in den jare ons Heren duesent vyrhondert ende soeven opten heileghen Pinxt avont.

1454 AG040-7

Gemeentearchief Gemert-Bakel, AG-040, inv nr 7, 1454
Transcriptie Ad Otten
Uit: Ad Otten, De vestiging van de Duitse Orde in Gemert 1200-1500, Gemert 1987

Het testament van Godert van Wermpt uit 1454. Onder veel andere bepalingen wordt onder meer het goed Ten broek overgemaakt aan de kerk van Gemert met bepalingen (onder meer) over het uitdelen van brood en erwten aan 13 armen in Gemert. Ook is er sprake van het stichten van een altaar gewijd aan Maria, Katharina en Barbara.

Dit is een transcriptie van een afschrift van het testament zoals het is opgenomen in het Registrum Pastorale Gemertanum van pastoor Gautius, inv nr 7 van het archief van de parochie St Jansonthoofding te Gemert.

Copie van het testament van Gord van Wermen
Weldoender van de Kercke ende den Armen van Gemert.

In den naem des Heren, Amen.
Overmits dit teghenwoerdige instrument soe sij kennelijck enenygelijken dat van den jaere ons Heren gheboerte dusent vierhondert en vier ende vijftich inden april den lestendach te vespertijt oft daer ontrent, Paeus wesende overmIts der gracien Gods Paeus Nicolaus overmits der voersichticheyt Goets die vijfte Paeus in sijn soevende jaer, soe is ghestaen selver die eerbare ende wijse man Goert van Woermen, clerck des bysdoms van Ludicks, voer mij notarys ende voer getugen hieronder gescreven, gesont van sinnen ende van goeden verstant wesende overmits der gracien Gods wijs van sinnen ende goet van verstant hoewael dat hij wat sieck van lichaem was.
Aenmerckende die broesheyt der menschen ende den tijt des menschen is cort ende dat niet sekerre en is dan die doot ende niet onsekerre dan die ure des doots ende dat alle dinck deser werelt vergangckelick is ende dat die menschen sterven moet, opdat die doot·hem niet verrassen en sou, soe woude hij hem wijsselick voersien vanden verganckelicken goeden, die hem verleent sijn van Got van hemelrijck op deser eerden, mits desen sijn testament ende utersten wyl tot sijnre salicheyr der sielen in alsulcker manieren heeft hij dat geordineert ende ghemaect als hij const ende mocht sijn testament ende utersten wyl wederroepende alle andere testamenten ende utersten wyllen in wat manieren dat die ghemaect sijn tot voer wat persoenen dat die ghemaect sijn tot desen daghe toe vanden selven Goert ende wyl die van werden sijn.

Inden yersten soe maeckt hij Got van hemelrijcken, Marien sijnre liever moeder ende al den hemelschen heyr sijn siel als die scheyden sal van sijnen lichaem om te ontfangen ende tot den ewygen leven te brengen.
Item hij beset Sinte Lambert toter timmeringen voer sijn onwetende onrechtvaerdighe goeden twe auden groeten eens te geven gelijck desen besetselen bescreven staen in pappier ende in duytschen beschreven in aldusdanigher manieren daeraf den tenoer van woert tot woert aldus volghet:
Item voert meer heeft hij gheordineert dat men sijn lichaem nae dieen dat sijn beganckenisse betameliken is gedaen begraven sal in den naesten huyse toebehoerende den duytschen heren daer sijnen sterffdagh geboert.
Item soe wyl hij dat men sijnen lichaem draghe te begraven tameliken mit vier barnender waskerssen ende niet meer, elke kersse wegende een half pont; die uit barnen sullen die misse der beganckenissen, vigilie ende dartichste, ende alsoe langhe als sij dueren.
Item hij heeft beset den priester die sijnen dertichsten doen sal eenen Rijnsgulden eens te geven.
Item hij beset den priester die die misse singt 3 cromstert eens te geven over hem
Item elken priester van binnen die opten dagh voer sijn siel een mis van Requiem leest 3 cromstert eens te geven.
Item elken priester van buyten mislesende ter stede ende tijt voerscreven 2 cromstert eens te geven.
Ende is sijn begheert dat alle die priesters tesamen sullen gaen tot sijnen graven lesen de commendatie ende ghebede voer sijn sieI eer hen dat besetsel volgen sal.
ltem hij wyl nadien dat hij begraven is en die mIsse ghedaen is mitter beganckenisse die principael priester ende die andere priesteren mit sijnen heymelicken vrienden sullen gaen eten tot sijnen huyse of hij egheen huys en hadde in des ordens huys daer men tameliken bereyden sal ende rijnschen wijn over tafel gheven ene yeghelyken daervoer beset hij 6 Rijnsguldens eens te gheven. Ende als die maeltijt is gedaen sullen sij tesamen gaende te vigilien biddende Got voer sijn siel.
Hierna heeft hij gheordineert ende geschickt van sijnen erfgueden dat ewelijcken geschien sal in den yersten soe tot Ghemert gheschien sal:
Inden yersten heeft hij gheordineert dat sijn jaergetijden ewelijcken gedaen sullen worden inder kercken tot Ghemert soe waer dat hij sterft opten dach sijnre verscheydinghe singende een zielmisse ende des avonts daer te voeren vigilie te lesen; ten waer dat die daegh sijn verscheydinghe op enighe hoechtijt viel soe wyl hij dat men dat jaergetide doen sal inder selver weken op enighe betameliken dagen mit waskerssen ende cleede te spreyen op sijnen grave ende te grave te gaen mit commendatien ende anderen goeden ghewoenten alsoe temliken en redeliken is.
Oeck sal men hem scriven in dat petantieboeck ende die dootrolle ende hem ewelicken alle sondaghe inder kercken noemen ende voer hem bidden alsoe gewoenliken is. Ende opdat sijn jaergetijt ende alle punten voerscreven tot ewighen daghen volcomeliken gehouden worden heeft hij hiervoer beset der petantien van Ghemert 6 vaet rogge der maten van erffelicken pachs jaerliken te betalen uit allen ende yegelike sijne erffguede tot Ghemert ghelegen.
Item hierom heeft hij beset der kercken van Ghemert twee pont was erffelijken uit allen sijne erfgueden tot Ghemert gelegen. Ende wyl dat men van desen twee pont was maken sal alle jaer vier kerssen elck van enen halven pont die sallen bornen in die vigilie ende misse op sijn graft daer dat cleet ligghet ende men die commendatie lesen sal; welck kerssen die kerckmeesteren van daerop van Ghemert voer op leggen sullen ende verwaren om daermede die misse te lichten die hij noch hiernae bescreven geordineert heeft. Item hij heeft geordineert dat die pastoer tot Ghemert tot allen tiden ende ten ewigen daghen alsdat jaerghetijt inder kercken ghedaen is sal gheven den heren vander duytscher oerden opten huys tot Ghemert ter maeltijt voer patantie twee quarten rijns wijns; daervoer beset hij vier oude Wilhelmus tuyn jaerlijcks ende ewelijcken te ghelden uyt allen sijnen erfgueden tot Ghemert ghelegen.
Item hij wil dat men allen jaer ewelijcken doen maken een gevlochten kerssen van enen halven pont was die altijt opten heylighen kerstnacht bornen sal alsmen singt dat heylich evangelium liber generationis die kersmis, onser liever vrouwenmisse inde dagheraet ende die hoogmisse; hierover beset hij een halff pont was uit allen sijnen alle jaer erffelijken te gelden tot Ghemert.
Item dieer gheliken wyl hij alle jaer ewelijken een kers gemaect hebben van eenen vierdel pont was te barnen opten heyligen Paesdaghe. Item van enen vierdel pont was die bomen sal op onser vrouwendagh nativitatis van denselven ghewichte altijt inder hoogmisse opten hoogen altaer. Hiervoer heeft hij beset ewelijcken alle jaer drievierdel pont was uit allen sijnen gueden tot Ghemert ghelegen. Voert wyl hij dat die kerckmeesteren tot Ghemert dat overscot van desen voerscreven kerssen tot hen nemen ende doen barnen inden missen bij hem gheordineert hiernae bescreven alsoe lang als sij dueren.
Item hij heeft noch erffelijcken alle jaeren beset twee pont was uit allen sijnen erfgueden tot Ghemert gheleghen daervan mij maken sal kerssen altijt te barnen inden missen onderscreven tot bescheydenheyt der kerckmeesteren voerscreven ende altijt te behouden in hoenre bewarnighe.
Voertaen wyl hij ende heeft geordineert dat men tot Ghemert inder kercken ten ewigen dagen alle jaer op enen altaer dat daertoe gheordineert sal worden singen sal op elken hoochtijt hier onderscreven een misse van den hoechtijt des selven dages loefelick ende betamelicken in manieren hiernae bescreven behalve hoer hoocmissen opten hogen altaer te doen:
I Item een misse van den heyligen Cruys opten heyligen Cruysdach
Il Item een misse van den H. Geest opten heyligen Pinxtdach
III Item een misse van Onser liever vrouwen op haeren dach nativitatis
IIII Item van een misse van Sunt Jan Baptist op Sunte Johan Baptistendach
V Item een misse van Sunt Jan Evangeliste op Sunte Jan Evangelistendach
VI Item een misse van Sante Katherina op St. Katherinendach
VII Item een misse van Sinte Barbara op Sinte Barbarendach
VIII Item een misse van Sante Lucij op Sante Luciendach
IX Item een misse van Sunte Maria Magdalena op haren dach
Ende dat enighe van desen missen ten ewigen daeghen alle jaer vast ende stedich gehouden worden sullen heeft hij beset elken brueder vander oerden die enighe vanden voerscreven misse songe opten dach voerscreven drie cromstert te betaelen alsoedicke als hij enighe vanden voerscreven missen ten voerscreve daeghe songe.
Item hij heeft beset elken priesteren bruederen die desen voerscreven missen sullen helpen singhen alsoe als sij dat opten voerscreven hoochtijden deden twe cromstert.
Item hij heeft beset den coster die te missen ludet, dat altaer bereydet, helpet singen ende anderen sijnen dienst doen sal, tot elken dagen deser hoechtijden voerscreven twee cromstert. Ende den clercken die dienst helpen doen ende die lessen singen een myck van anderhalver placken.
Item hij heeft beset den pastoer opdat hij ernstelijcken besorgen sal dat dese voerscreven missen geschien alsdat voerscreven is op elcken dach der hoghetiden voerscreven drie cromstert.
Item is gerekent dat dit besetsel tot desen voerscreven missen loept alle jaer ewelijken hondertsesendetwintich cromstert. Daervoer heft hij beset uit alle sijnen erfgueden tot Ghemert ghelegen ewelijcken alle jaer te gelden drie rijnsch gulden ende achtien goede stuver diewelck uitrichten die kerckmeesteren van Ghemert indertijt wesende ende deglert alsoe dat voer verclaert is.
Ende of dat gelt afginck soo en wyl hij nochtan niet min voer den cromstert hebben ghegeven dan hij en gilt op desen dach nader valuacie vanden goude elcken rijnschen gulden voer 34 cromstert alsoe voerscreven steet daer hij den pastoer mede belast ende sijnre conscientien bevelt.
Item voert heeft hij geordineert of enigh gebreck vanden bruederen geviele die desen missen souden helpen singen dat dan die pastoer op enen anderen dach binnen der octaven sal doen lesen alsoe veel missen als daar singers ontbraken opten dach des hoghetits. Ende die priesteren die desen missen voerscreven lesen sullen hebben datgheen dat die ander versumet hebben opten hoechghetiden voersegt.
Item voert heeft hij gheordineert dat men dese voerscreven cromstert niet dan eens op elken voerscreven van den hoechgetiden gheven sal want de summe vanden besetsel niet hoeger en loept.
Voert meer heeft hij gheordineert ende wyl dat die kerckmeesteren van Ghemert inder tijt wesende allen jaer tot ewighen dagen op elcken dach vanden voerscreven hoechtijden als die missen gesongen sijn ter maeltijt sal gheven den heeren opten huyse ter petantien twee quarten rijnswijns makende in eenre summe alle jaer 18 quarten rijnswijns; daervoer heeft hij beset alle jaer erfelijken enen ende halven rijnssen gulden oeck uit allen sijnen gueden te Ghemert ghelegen te boeren vanden kerckmeesteren van Ghemert.
Item hij heeft gheordineert dat men ten ewigen dagen alIe jaer op alle vrijdaege in der vasten sal derthien armer menschen die niet openbaerlijken en bidden ende die kerckmeesters met raede des pastoers daertoe nemen sullen drie hering ende alsoe veel broets als een ghemeyn mensch op enen maeltijt eten mach geven sal ende opten laetsten ende goeden vridagh salmen dan den voerscreven 13 armen luden seggen dat sij gaen inder kercken tot Ghemert ende bidden innichlijken voer die siele des voerscrevene.
Voert wyl hij dat men dese voerscreven aelmissen altijt alle wegen sal inder prochien van Ghemert op sijn hoef ten Broeck. Ende daertoe hevet hij beset alle jaer erffelijcken uit denseleven goeden ten Broeck anderhalve rijnschen gulden dieen herinck mede te coepen ende een mauder roggen dat broet af te backen.
Item hij heeft beset denselven 13 armen menschen ewelijcken alle jaer 2 vaet witter erweyten der maeten van Ghemert uit denselven guede ten Broeck ende daer gecoeckt ende gedeylt te werden elcken vridaeghe inder vasten inder manieren voerscreven. Hiertoe heeft hij beset uyt denselven goede ten Broeck alle jaer erfelijken een vat raepsaets der maten van Ghemert om olie te maken, die erweyten mede te coecken ende dieen 13 armen menschen te gheven alst voerscreven is.
Ende omdat die laet goetwyllich sijn sal dese voerscreven dingen te bereyden te backen ende coken heeft hij denselven laet die indertijt dan sijn sal ende dese sake voldede beset alle jaer erffelljken voer sijnen dienst een vat roggen der maten voerscreven.
Voert heeft hij gheordineert alle jaer ten ewygen dagen opten dach als men sijn uitvaert doen sal een spine op die selve hoeve ten Broeck den armen die daer comen broet te gheven alsoe lang dat duert ende streckt. Daervoer beset hij uit denselven goede jaerlicks ende erfelicken een mud roggen Ghemerts maten.
Item hij heeft beset den vier biddende orden te weten prekeren, minrebruederen karmeliten ende augustinen elcken twee vaet roggen der maten voerscreven jaerlicken ende erfelijkcken uit denselven h(eren) goede ten Broeck voerscreven.
Dat overscot vande goede tot Ghemert ghelegen hem toebehorens boven die besetselen loept ende is wael wert als hij hoept alle jaer 14 mud roggen Ghemertse maten of daerbij vanden welcken men gilt op een stat jaerlicks elf mud op een stat in eenre summen uyten goede geheyten ten Broeck. Ende die ander mudde gilt men uit den hoeve den Broeck uyt den guede ten Boer ende anderen goede daerontrent ghelegen vanden welcken hij beset hevet alsoe hiernae bescreven staet:
Item dat die fabriekmeesteren van Ghemert indertijt wesende ewelijcken alle jaer ontrent Sunte Remeys misse sullen geven 13 ermer luyden elcken enen grauwen rock van vier ellen ofte meer naedat besetsel hiernae bescreven dragen mach. Daervoer heeft hij beset uit den 14 mudden erfroggen voerscreven 8 mud roggen erfelicken alle jaeren uit den goeden ende onderpanden voerscreven te betalen. Ende wyl dat men dese voerscreven arme kiesen sal bij rade des pastoers van Ghemert die die kerckmeesteren nemen sullen ende die pastoor app(ro)beren sal; desen sullen oock sijn ingheseten van Ghemert ende daeghelicks niet openbaerlicken biddende alsoe verre men die daer vinden ende hebben mach.
Voert wyl hij ende heft gheordineert of enige luden die devocie daertoe berveren mocht stichten wouden een autaer in der niewer kercken tot Ghemert en der eren vander glorioser maget Marien, Sunte Katherinen ende Sunte Barbaren. Soe wyl hij ende heeft beset te hulpe ende volbrengen die fundacie des altaers voerscreven denselven altaer oft den rectoer indertijt jaerlicks ende erfelick drie mud roggen der maten van Ghemert te betaelen ewelicken uiten goede ende onderpande terstont voerscreven um des voerscreven besetsels wille daer macht ende seggen in heeft. Soe heeft hij gheordineert ende is sijn wyl dat die collactie ofte ghifte vanden voerscreven autaer toehoeren sal den commandeur tot Ghemert met rade des pastoers van Ghemert als weerlijck ende tijtlijck here tot Gemert. Ende daertoe sal hij nemen enen eerlijcken ende doghelijcken man guet van leven die priester is of binnen jaers priester werden mach, seculier ende niet vander oerden dieselve sal oock verbonden wesen tot Ghemert te wonen ende den dienst te doen ende alle dinxsdaech ende alle donredache elker weken ewelijcken sonder siecten of sonderlinghe nootsaecken misse doen vander tijt als opten daagen naeder heyliger kerken ordinantie geboert. Ende in allen missen ende ghebeden truwelijcken ende bidden voer die siel des testamentoers voerscreven. Ende eer dit autaer ghesticht wort ende toekomt als voerscreven is, soe wyl hij dat die kerckmeesteren tot Ghemert dese misse voerscreven ende inder manieren voerscreven bij rade des pastoers van enen bequamen priester doen gheschieen. In welcker kerckmeesteren hant hij dan geset heeft dese drie mud roggen erffelick voerscreven om den priester voer die missen mede te loenen ter tijt dan dat voerscrevene altaer gefondeert ende ghesticht is tot eenen gheestelijcken beneficy.
Die terminen van betalingen van allen guede die beset sijn van alle gueden alsoet
voerscreven staat alsooe verre hen geen ander termin van recht geset en is wyl hij dat sijn sullen alle jaer tot sulken tiden ende mit sulker manieren dat sijn voersegde utersten wille daer niet mede gehindert noch verachtert werde.
Van alle ende yegeliken punten voerscreven daer hij voer bysonder gheen. executoren af geset en heeft set hij ende ordineert sijn executoren ende vervullers sijns utersten willes voerscreven die kerckmeesters tot Ghemert in welcken handen hij geset heeft ende set den Hof ten Broeck ende die guede ten Boer ende voert sijn ander guede voerscreven tot Ghemert ghelegen gevende hen volcoemen macht die te verpachten ende uyt te gheven alsoe dick als hen dat noet ende nut duncken sal om sijnen voerscreven utersten wyl mede te voldoen. Ende wyl dat sij altijt hierin gebruken sullen des pastoers raet ende voer hem bewijs doen ende rekeninghe van sijnre begheerten voerscreven.
Ende opdat sij dit te bat ernstich ende willich sijn sullen sijnre voerscreven begeerten te volbrengen heeft hij den voerscreven kerckmeesteren beset al Ie hochgetiden der missen voerscreven drie cromstert alle jaer erffelicken uiten hoof ten Broeck voerscreven.
Voert heeft hij geordineert wanneer sonder merckeliken nootsaken die pastoer enige saken hem bevoelen vergeet in dese testament oft niet en dede soe sullen die kerckmeesteren dat moege doen geschien ende die gueden daertoe geordineert ende beset op boeren ende sijnen wyl daermede vervullen als voerscreven is. Diergeliken sal die pastoer moegen doen vervullen die saken die den kerckmeesteren behoren te doen of sijse vergheten ende niet en deden ende die gueden daertoe beset in sijnen handen nemen om sijnen wille daermede te vervullen.
Ende oft dat saeck waer dat die pastoer ende die kerckmeesters sijnen voerscreven utersten wylle niet vervullen en wouden ende aqhterwart stelden, soe wyl hij dat die rectoers der Tafelen des heyligen Geests tot Ghemert den Hof ten Broeck ende alle enen yegeliken guede voerscreven erfeliken na hen nemen sullen ende den voerscreven utersten wyl doen vervullen ter stede ende in manieren voerscreven ende alsdan beset hij denselven rectoeren dat voerscreven hoechtijtgelt voer hoeren arbeyt ende set oeck dan die guede voerscreven in haren handen tot behoef sijns utersten willen ende wyl oft enigen cost hierom ghebeurde dat sij die nemen sullen vanden gueden voerscreven betameliken ende redeliken.
tWelck tegenwoerdighe testament ende sijnen utersten wyl ende al dat hierin begrepen is dat wyl die testamentmaker dat het van werden blijven sal ende vast naede rechten ende nae sijnen utersten wylle nae alle rechten die daer best toe dienen mogen om vast te blijven ende naeden geesteliken recht of goeden gheprobeerd ghewoenten.
Van allen desen ende van yegelijcke punt bysonder soe wyl dese testamentoer een testament oft meer testamenten van mij hebben gemaect notarys.
Dit is ghesciet inden dorp van Ghemert in tegenwoerdicheyt van eerbare mannen te weten Heer Jan Aelberts, Heer Jan van Attenderen, priesters des Duyts Oerdens Goert van Geldrop gehuwede clerck ende Dirck Janssoen ende meer andere leken die men geloven mach ende hier bijgeroepen ende sunderlinghe ghebeden om te tuygen.
Ende ic Heer Jan van Oerle, priester des Bysdoms van Ludick, openbaer notarys heb hier tegenwoerdich gheweest met den getugen voerscreven doen dit al ende eenyegelick punt bysonder ghescieden dit heb ic ghesien ende ghehoert dat aldus ghescieden daerom heb ick dit tegenwoerdighe instrument van enen anderen laten scriven want ic ander saken onderhanden had daer ic mede becommert was soe heb ic dit uit den anderen ghemaect dat daer ghetrouwelicken gescreven was ende in dese openbaere forme uitgeset dat ic mijnen gewoendelicken hantteken getekent heb in getuych der waerheyt alder gheenre die voersegt sijn.

Stichting Laurentius Torrentinus

Ruyschenberghstraat 3b

5421 KR Gemert

Opgericht 20 maart 1992

Kamer van Koophandel 41092316

RSIN 805639330

RaboBank NL50RABO1161120777

Bestuur

PHJM van den Elsen, voorzitter, Esdonk 9, 5421 PX Gemert

HGA Slits, vice voorzitter, De Haag 75, 5421 NM Gemert

AFM Verhagen, secretaris, Biezen 6, 5422 CH Gemert

HGP Cuijpers, penningmeester, Kerkstraat 40, 5421 KX Gemert

JDP van den Crommenacker, Willem de Haasstraat 33, 5421 TN Gemert

SMH Fransen, Watermolen 63, 5421 LJ Gemert

JCWJ Kanters, Rentmeesterstraat 31, 5421 LM Gemert

CHM van Lankveld-Brekelmans, Pandelaar 95, 5421 LG Gemert

CAAJFJ Rooijackers-Gerrits, Pandelaar 95a, 5421 LG Gemert

AJHM Brouwers, Virmundtstraat 2, 5421 BW Gemert

Bestuursleden ontvangen geen financiele vergoeding voor de werkzaamheden.

 

Doel

De stichting heeft als doel het verlenen van hulp en steun, zulks in de ruimste zin van het woord, aan de vereniging “Heemkundekring De Kommanderij Gemert”, gevestigd te Gemert, alsmede het uitgeven van publicaties ten behoeve van de heemkundekring, aangaande de geschiedenis van Gemert en wat daarmee verband houdt.

Beleidsplan 2017

2017 zal in het teken staan van de uitgave van het Gemerts Woordenboek. Na een voorbereiding van 57 jaar door de heer Wim Vos zal in 2017 het woordenboek in gebonden drukwerk verschijnen. Om het financiële risico te beperken zal er sprake zijn van voorintekening en zal de oplage kleiner zijn dan eerdere uitgaven van de stichting.

Resultatenrekening/begroting

 

Resultatenrekening          
Baten 2016 Begroting 2017 Lasten 2016 Begroting 2017
Subsidie € 1.282,50 € 1.280,00 Bestuur/Organisatie € 1.000,00 € 1.000,00
Rente € 92,77 € 20,00 Kosten Internet € 185,47  
Verkoop boeken bank € 36,12 € 1.500,00 Inkoop Gemerts Erfgoed € 19.963,66  
Verkoop boeken kas € 169,20   Inkoop Gemerts Woordenboek € 86,45 € 12.000,00
Verkoop boeken internet € 157,37 € 400,00      
Verkoop Gemerts Erfgoed € 11.508,64        
Verkoop Gemerts Woordenboek   € 8.000,00      
           
Resultaat       € - 7.986,98 € - 1.800,00
Totaal € 13.246,60 € 11.200,00 Totaal € 13.246,60 € 11.200,00
           
           
Balans 2016     2016  
Spaarrekening € 13.682,00   Eigen Vermogen € 15.453,34  
Tegoed Heemkundekring € 1.771,34        
Balanstotaal € 15.453,34   Balanstotaal € 15.453,34  

Subcategorieën

Het Keske en min urste blauw oog

As ik 't Keske ziej stôn mi die skôn bilde der in denk ik aaltijd trug

an diejen bewusten dag begin jorre 60.

Toen was onze Willy min awtse bruur ovver diejen skônne skoine

gemetselde raand an 't loope op 't keske al vaasthawend an 't

middenstuk .

Ik woar toen zônne snotaop van 'n jaor of zeuveen kon 't aigelek nie

oitstôn dé ik dé nie kos en begon toe mar wa te kliere.

Ik zi dur kumt de pliesie án en trok um an z'n korte

bokspeepkes,blijkbaar din ik dé un bietje te hard want onze Willy

dreigde van dé réndje te skeuve en eraf te valle.

As innigste hawvaast zag ie de Heilige Maria, as ik die vaastvat

daacht ie blief ik wel stôn. Mar die ston er toen nog gewoon los in en

boog zich veurovver.

Án de kant riejp ie nog en sprong aachterovver van 't keske af gevolgd

dur de Heilige Maagd.Ik woar toen nog nie zo snel as náw en ston wa

verskote umhog te blieke

en jao ik wier goewd gestraft vur min gekwal want dieje gipse kop van

't bild kwam récht op mun oog terécht en bezurgde min m'n urste blauw

oog.

Ik kan me herinnere dé Jan van Gimmert 't bild netjes hi gerestereerd

en er hil gaow 'n smeedijzere hékske vur kwam te stôn.

En hier géld ôk 't spraekwoord wie 'n keul graoft vur 'n aander vélt

er zélluf in !

Doriet Janssen Munsters Gemert

Lid worden?

Kalender: evenementen

November 2017
M T W T F S S
30 31 1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 1 2 3

Sponsors

Informatie

Lid worden?

Lid worden? Klik en vul het formulier in!

Heemkundekring De Kommanderij Gemert
Antwoordnummer 2526
5420 ZX Gemert!

Volg ons

twitter

twitter

Inloggen

Inloggen

Voor leden en auteurs. Ook een bijdrage leveren? Neem even contact op.